Actueel

Dubbelinterview met Edward van der Meer en Bettina Zijlstra – vijftien jaar Business Generator Groningen!

Bettina Zijlstra
Ilse van der Hoek
Anne Been

Hij. Als Directeur van Triade ooit één van de oprichters van Business Generator Groningen. Zij. Door haar jarenlange ervaring in onderzoeksfinanciering en samenwerkingsprojecten bekend met de belevingswereld van de onderzoeker en vandaag de dag Interim Directeur van Business Generator Groningen. Een gesprek over de beginjaren van valorisatie, een cultuuromslag, samenwerking, het innovatie-ecosysteem, de loopbaanmogelijkheden van een ondernemende onderzoeker, dienstbaarheid én een beetje geduld.

Edward, wil je ons eens meenemen naar hoe het allemaal begon?

“Zeker. De toenmalige Directeur van de RUG Houdstermaatschappij en ik als Directeur van Triade hadden de wens om de bedrijvigheid vanuit de kennisinstellingen te maximaliseren en het klimaat voor starters te verbeteren. Daarvoor was het nodig actiever op screening en scouting in te zetten dan de RUG en het UMCG op dat moment deden. Met behulp van RVO ontstonden zo de contouren van Business Generator Groningen. Dirkjan Masman werd aangesteld als Directeur van het samenwerkingsverband en wist in korte tijd een goed team om zich heen te verzamelen, dat echt toegevoegde waarde wist te bieden aan onderzoekers die de wens hadden hun onderzoek te vermarkten.

Je moet je voorstellen dat in die tijd valorisatie nog in de kinderschoenen stond. Toen wij begonnen, was valorisatie net wettelijk vastgelegd als kerntaak van een kennisinstelling. Het onderzoek ging heel voortvarend, maar om de bedrijvigheid uit de kennisinstellingen te halen moest er wel wat gebeuren.”

Dank Edward. Zo hebben we een beeld van hoe en waarom Business Generator Groningen is ontstaan. Wat is er volgens jullie in de afgelopen vijftien jaar bereikt?

Bettina: “Zoals Edward aangeeft, is valorisatie pas sinds 2005 wettelijk vastgelegd als kerntaak van de kennisinstellingen. Dus in die beginperiode was het pionieren. We zien dat er in de afgelopen vijftien jaar veel is bereikt, zowel in onze regio, maar ook op nationaal en internationaal niveau. En nu vijftien jaar later durven we toch wel te stellen dat we met het vermarkten van onderzoek maatschappelijke impact kunnen maken. In die zin heeft er een cultuuromslag plaatsgevonden. Subsidies hebben daar in de beginperiode een grote rol in gespeeld en dat zal ook nodig blijven tot er een structurele verankering van valorisatie zowel op het gebied van beleid als ook financiering is gerealiseerd.”

Edward: “Ik herken dat wel. Je ziet dat de kennisinstellingen een stuk taakbewuster zijn geworden en zich ook in toenemende mate realiseren dat ze die impact moeten communiceren. Maar vergeet niet, ook de omgeving is volwassener geworden. In het begin waren alle ogen gericht op de kennisinstellingen, maar nu kennen we ook het belang van een ecosysteem.”

Bettina: “Dat klopt. We denken meer ‘outside in’ in plaats van alleen maar ‘inside out’. Dus we kijken niet alleen meer naar hoe we het onderzoek het beste kunnen laten landen in de maatschappij, maar ook naar de marktvraag. Die ontwikkeling is nog gaande en daar zijn nog veel stappen in te maken, maar vast staat dat we de marktbehoefte en het adresseren van de maatschappelijke uitdagingen meer moeten meenemen in het valorisatieproces.”

Edward: “Onderzoekers weten heel goed hoe ze samen kunnen werken, het is fantastisch om te zien hoe zij coalities sluiten over de hele wereld. Dit zou ik graag ook wat meer terugzien bij het vermarkten van onderzoek. Dan kunnen we echt stappen maken.”

Bettina: “Heel herkenbaar. Ik heb jarenlange ervaring in (inter) nationale samenwerkingsverbanden op het gebied van onderzoek en innovatie. Die samenwerking verloopt vaak heel natuurlijk, omdat onderzoekers elkaar op inhoud weten te vinden. Dat willen wij ook op het gebied van valorisatie bewerkstelligen. Gelukkig is deze ontwikkeling al gaande. Zowel op landelijk als internationaal niveau wordt er steeds meer samengewerkt. Zo werken de universiteiten binnen Universiteiten van Nederland en de UMC’s binnen de NFU steeds vaker samen en hebben zij recent ook het KTO-Nederland plan ingediend bij het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat. De inzet van het KTO-Nederland plan is het versterken van ons nationale onderzoeks- en innovatie-ecosysteem, omdat dit essentieel is voor de Nederlandse groeistrategie. Het doel is om Nederland de valorisatie hotspot van Europa te maken in 2030. Deze en andere initiatieven geven aan dat we elkaar nodig hebben om samen dat innovatievermogen van Nederland, maar ook van de regio naar een hoger niveau te tillen.”

Wat is volgens jullie het belang van een sterk innovatie-ecosysteem voor de regio? En wat is hierin de rol van Business Generator Groningen?

Edward: “Ondernemerschap is in het hele verhaal nog onderbelicht. Daar hebben we in Groningen nog werk te doen. We moeten ondernemerschap nog veel meer koppelen aan de brede onderzoeksbasis die Groningen kent. Ik geloof wel in een zelfsturend systeem. Als je uitgaat van de ‘coalition of the willing’, dan zul je zien dat de ene keer de ene partij de lead pakt en een andere keer weer een andere partij. Dat is prima. Het gaat om het resultaat.”

Bettina: “Dat is ook de essentie van een ecosysteem, hoe het in de natuur ook werkt, dat al die verschillende componenten samenwerken en gezamenlijke waarde creëren. Om het ondernemerschap waar jij aan refereert te stimuleren, moeten we ook echt nadenken over het carrièrepad van de ondernemende onderzoeker. Dat moet duidelijker en aantrekkelijker worden.”

Edward: “Daar ben ik het mee eens, dat is een belangrijke voorwaarde. Een andere factor is ‘geduld’. We zijn met z’n allen ontzettend trots op Ben Feringa. Ikzelf kijk ook vol bewondering naar zulke gedreven onderzoekers, maar het kan nog wel 10 á 15 jaar duren voordat de resultaten van hun onderzoek richting de markt kan gaan. Daar moeten we niet van schrikken. We willen dat wat we nu bedenken direct richting de markt gaat. Maar zo werkt dat niet. Je ziet nu ook bedrijven ontstaan waarvan het zaadje 30 jaar geleden is geplant. Door bijvoorbeeld iconen als Albert Pennings en Hans Wijnberg die vorm hebben gegeven aan o.a. het huidige Polyganics en Symeres, allebei gevestigd op Campus Groningen. Daar is ook tijd overheen gegaan voordat zij stonden waar ze nu staan. Vandaag de dag zijn het de pareltjes van onze regio.”

Bettina: “Ja, dat zijn mooie voorbeelden. En toch zien we dat het ook sneller kan gaan. Met name met digitale innovaties. Denk bijvoorbeeld ook aan een SlimStampen van Hedderik van Rijn. Business Generator Groningen heeft van oorsprong een sterke focus op health en life science, maar onderzoekers die met thema’s als energie, duurzaamheid en digitale innovatie bezig zijn kunnen ook rekenen op onze support.”

Edward: “Zeker. Een mooi ander mooi voorbeeld is HTRIC. Een samenwerking tussen de RUG, Faculty of Science and Engineering en het UMCG, die nu combinaties maken rond AI, Health en Materials Science. Het kan best zo zijn dat hier een kortere cyclus mee is gemoeid, dan de 20 á 30 jaar die we op andere gebieden kennen. Niet ieder thema heeft dezelfde time to market, maar ook dan geldt: heb geduld!”

Bettina: “Die ontwikkeling rondom regionale consortia op thematische gebieden kan ik beamen. Jij noemt HTRIC, maar de RUG participeert ook in een TTT Watertechnology en er lopen een paar mooie Nationaal Groeifonds aanvragen zoals o.a. Biotech Booster waar RUG en UMCG in participeren, maar ook PharmaNL dat als doel heeft medicijnontwikkeling dichterbij huis te halen. Heel actueel!”

Wat maakt Groningen uniek ten opzichte van andere regio’s in ons land? Op welke punten doen we het goed? En waar kunnen we nog aan werken?

Edward: “Deze vraag wordt mij wel vaker gesteld, maar ik vind dat we voorzichtig moeten zijn met roepen dat Groningen uniek is. Groningen heeft een brede universiteit. Er is hier veel kennis, dat is fantastisch. We zijn sterk in pionieren, van oudsher door onze ‘geïsoleerde’ ligging. Op gebied van health, de vergroening van de chemie, digitalisering en de energietransitie gaan we goed. Maar ik denk dat we nu op het punt staan dat we moeten kijken naar wat Groningen kan bijdragen aan de maatschappelijke vraagstukken die voor ons liggen en dat we coalities moeten sluiten en moeten samenwerken om die volgende stap te maken. We maken een denkfout als we denken dat Groningen de uitdagingen die voor ons liggen alleen kan oplossen.”

Bettina: “Eens. Maar als ik iets unieks aan Groningen mag noemen: er is nog ruimte voor groei, zowel in de regio als op de Campus.”

Edward: “Het is hier prettig wonen, we hebben te maken met werknemers die zich nog verbonden voelen met bedrijven. Dat zijn toch de dingen waar Groningen goed op scoort en redenen waarom je je hier als bedrijf wilt vestigen. Maar we moeten het human capital aspect wel in de gaten houden.”

Bettina: “Ja, dat is zo. En dan heb je het wat mij betreft ook over de loopbaanmogelijkheden voor de ondernemende onderzoeker die wil pionieren en zijn vleugels wil uitslaan. Mijn hart ligt ook bij het stimuleren van vrouwelijk ondernemerschap, wat toch nog wat achterblijft. Zonde, want we kennen allemaal het voorbeeld van Linda Dijkshoorn van EV Biotech die met haar kennis, kunde en daadkracht een prachtig bedrijf heeft neergezet.

Dat zijn wat mij betreft echt ambassadeurs voor de regio als het gaat om het verstevigen van het vestigingsklimaat voor jonge startende ondernemers.”

Hoe zien jullie de toekomst? En Bettina, waar gaat Business Generator Groningen zich de komende jaren op richten?

Bettina: “Zoals Edward al zei hebben we in Groningen een brede basis aan kennis en ik ben ervan overtuigd dat we met deze kennis bij kunnen dragen aan oplossingen voor een groot aantal maatschappelijke uitdagingen. Er is een belangrijke taak voor Business Generator Groningen weggelegd in het screenen en scouten van onderzoek met marktpotentie. Dat vraagt een actieve benadering van ons, waarin we pro-actief met onderzoekers in gesprek gaan en zicht krijgen op welke kennis geschikt is om naar die volgende fase te gaan. Als we dat onderzoek eenmaal in beeld hebben, moeten we er alles aan doen om het proces naar de markt zo vloeiend mogelijk te laten verlopen en de juiste ondersteuning te bieden.”

Als ik jullie over vijftien jaar weer spreek, waar staan we dan?

Edward: “Bettina had het net over het carrièrepad van de onderzoeker. Ik hoop dat het ondernemerschap, of dat nou naast een wetenschappelijke carrière of een fulltime bezigheid is, tegen die tijd een reële optie is. En dat de samenwerking tussen de kennisinstellingen en bedrijfsleven veel natuurlijker is geworden.”

Bettina: “Ik denk dat we terug kunnen kijken op vijftien jaar waarin een stevig fundament is gelegd en dat we nu vooral moeten doorgaan met die samenwerking in het innovatie-ecosysteem verder vorm te geven. Alleen dan kunnen we de kennis die we hier in het Noorden hebben de vertaalslag laten maken naar impact voor de maatschappij. Daarbij denk ik dat het belangrijk is dat Groningen de aansluiting zoekt met niet alleen regionale, maar ook nationale en internationale initiatieven.

Edward, wat zou jij, als oprichter van Business Generator Groningen vijftien jaar geleden, Bettina en haar team willen meegeven?

“Wat ik Bettina gun is, dat ze net als toen wij aan de basis stonden van de Business Generator Groningen, mag blijven pionieren en vernieuwen. Vooruit blijven kijken. Als zij en haar team dat doen vanuit de intentie om onderzoekers optimaal te ondersteunen in het hele valorisatieproces, dan moet het helemaal goed komen.”

Jouw onderzoek naar de markt?

Doe de quickscan door je gegevens hieronder in te vullen.